Kennis over radicalisering relevant voor de ggz
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 11-2024 |
| Journal | Tijdschrift voor Psychiatrie |
| Volume | Issue number | 66 | 9 |
| Pages (from-to) | 504-505 |
| Number of pages | 2 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Van Dam en collega’s pleiten voor meer aandacht binnen het domein van de psychiatrie voor de problematiek van radicalisering, extremisme en terrorisme.1 Zij doen dat door aan de hand van zes stoornissen de ontvankelijkheid voor radicalisering en extremistisch gedachtegoed aannemelijk te maken. Meer kennis over deze kwetsbaarheden zou collega’s helpen om daar in de behandeling rekening mee te houden.
In de praktijk blijken er echter hindernissen te zijn die ervoor zorgen dat de betrokkenheid van behandelaren in de ggz bij dit onderwerp beperkt blijft. Er is bijvoorbeeld onduidelijkheid over wat radicalisering, extremisme en terrorisme zijn en waarom deze onderwerpen relevant zijn voor de klinische praktijk. Volgens de definities van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) hebben terrorisme en extremisme in grote lijnen hetzelfde doel, namelijk om vanuit een ideologisch motief de democratische rechtsorde te ontwrichten. Maar terwijl bij terrorisme het handelen centraal staat, zoals het plegen van geweld of aanrichten van schade, gaat het bij extremisme vooral om de bereidheid te handelen. Radicalisering is ‘een proces van toenemende bereidheid om de uiterste consequentie uit een denkwijze te aanvaarden en die in daden om te zetten.’ In de laatste 20 jaar is het begrip radicalisering sterk verbonden geraakt aan extremisme en terrorisme. Maar klopt dat wel? De terrorismeonderzoeker Kruglanski stelt dat radicalisering steunt op drie pijlers: behoeften, narratieven en netwerken (needs, narratives and networks).2 De zoektocht naar betekenis (quest for significance) vormt volgens Kruglanski de eerste pijler als overkoepelende behoefte bij extremistisch gedrag.3 Deze omvat volgens hem alle andere motieven, zoals eer, vernedering, wraak, sociale status, geld, loyaliteit of verlangen naar de hemel. Het gaat erom dat een individu ‘iemand’ wil zijn en niet ‘niemand’. Antwoorden op die behoeften worden gevonden in een narratief als verhaal, de tweede pijler. Ten slotte duidt de derde pijler op het netwerk waarbinnen dat narratief leidend is. |
| Document type | Comment/Letter to the editor |
| Note | Commentaar op: A. van Dam, S. van den Hoogen, A. Nanninga, H. Koppelaar, L. Gommers (2024) De dynamiek tussen psychiatrische stoornissen, radicalisering en extremisme; kwetsbaarheden en risicomanagement, In: Tijdschr Psychiatr. 66(9):548-552. |
| Language | Dutch |
| Published at | https://www.tijdschriftvoorpsychiatrie.nl/nl/tijdschrift/issue/2024/9/50-13419_Kennis-over-radicalisering-relevant-voor-de-ggz |
| Other links | https://www.scopus.com/pages/publications/85214494190 |
| Permalink to this page | |
