HR (zaaknr. 09/01580, LJN BO7489: zowel de inbrenger als de BV kunnen ook na het onherroepelijk zijn van de beschikking, respectievelijk na de aanvaarding, de juistheid van de voorwaarden nog ter discussie stellen)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2011 |
| Journal | Fiscaal Tijdschrift FED |
| Article number | 16 |
| Volume | Issue number | 2011 | 3 |
| Pages (from-to) | 22-24 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Na een geruisloze omzetting op de voet van art. 18 Wet IB 1964 (oud) opponeert de BV (in het kader van een aan haar opgelegde aanslag) tegen de toepassing van standaardvoorwaarde 8a die opgenomen is in de door de inspecteur in het kader van de geruisloze omzetting genomen beschikking. Tegen deze beschikking is door de inbrenger geen bezwaar ingesteld; tevens heeft de BV de standaardvoorwaarden - op de voet van standaardvoorwaarde 11 - aanvaard. Hof beslist dat de beschikking formele rechtskracht heeft verkregen en dat daarmee de juistheid van de beschikking en de daarin opgenomen (standaard)voorwaarden is komen vast te staan (en bijgevolg niet meer ter discussie kunnen worden gesteld in het kader van een bezwaar- of beroepsprocedure ter zake van een aanslag waarbij een van die voorwaarden toepassing heeft gevonden). Hoge Raad; zowel de inbrenger als de BV kunnen ook na het onherroepelijk zijn van de beschikking, respectievelijk de aanvaarding, de juistheid van de voorwaarden nog ter discussie stellen.
|
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00BC1C5B&cpid=WKNL-LTR-Navigator |
| Permalink to this page | |