De aanvullende rol van de nationale rechter bij rechtsbescherming tegen de Commissie: geen kwestie van rechterlijk beleid

Authors
Publication date 2010
Journal Actualiteiten Mededingingsrecht
Volume | Issue number 10 | 9/10
Pages (from-to) 212-216
Organisations
  • Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for European Law and Governance (ACELG)
  • Interfacultary Research - Amsterdam Center for Law & Economics (ACLE)
Abstract
De nationale rechter speelt een essentiƫle rol bij de handhaving van de art. 101 en 102 van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie ('VWEU'). Hij garandeert de directe werking van deze mededingingsrechtelijke verbodsnormen in geschillen tussen private partijen en heeft bovendien een taak in het publiekrechtelijke handhavingstraject. Wat de directe werking betreft kunnen private partijen zich ten overstaan van de nationale rechter beroepen op de rechten die zijn ontlenen aan de art. 101 en 102 VWEU en gebruikmaken van de beschikbare nationale rechtsvorderingen (verklaring voor recht, verbodsbeschikking, schadevergoeding enzovoort). Deze nationale rechtsvorderingen zijn ingekaderd door Europees recht; dit kan zijn specifieke wetgeving of algemene beginselen.
Document type Article
Language Dutch
Permalink to this page
Back