Hof Amsterdam (rolnummer 200.087.566/01, LJN BU8168: niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding, gedeeltelijke verrekening, finale afrekening)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2012 |
| Journal | Jurisprudentie personen- en familierecht |
| Article number | 128 |
| Volume | Issue number | 2012 | 7 |
| Pages (from-to) | 667-674 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Partijen waren gehuwd van 1979 tot 2009. In hun huwelijkse voorwaarden was een periodiek verrekenbeding opgenomen. Tussen 1979 en 1992 is niet afgerekend, omdat er geen sprake was van overgespaard inkomen. Tussen 1993 en 2000 is er gedeeltelijk afgerekend, en na 2000 niet meer.
In geschil is thans onder meer de vraag hoeveel er nog verrekend moet worden. De vrouw is van mening dat rekening moet worden gehouden met de gedeeltelijke verrekening tussen 1993 en 2000 maar het hof gaat er niet in mee. Het hof is van oordeel dat de verrekening tussen 1993 en 2000 niet volledig heeft plaatsgevonden; de rest van het huwelijk is helemaal niet afgerekend. Als men rekening zou houden met de gedeeltelijke verrekeningsbetaling aan de vrouw, dan zou de man volgens het hof een even groot bedrag uit zijn vermogen mogen afzonderen, daarbij rekening houdend met een gelijk of redelijk rendement. Volgens het hof komt dat op praktisch hetzelfde neer als wanneer een algehele finale afrekening plaatsvindt. Als men alleen het aan de vrouw uitbetaalde bedrag buiten de verrekening zou houden, dan zou dat zeer onredelijk uitpakken voor de man. Daarom is er volgens het hof geen reden om op grond van redelijkheid en billijkheid af te wijken van een algehele finale afrekening in de zin van art. 1:141 lid 3 BW. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://opmaatnieuw.sdu.nl/link/JUR/JPF/2012/128 |
| Permalink to this page | |