Uitspraak Hof van Justitie van de Europese Unie, 10 mei 2017, zaak C-133/15, Chavez-Vilchez e.a./Raad van bestuur van de Sociale Verzekeringsbank e.a.
Het belang van het kind in Zambrano-situaties
| Authors |
|
| Publication date |
2017
|
| Journal |
Nederlands tijdschrift voor Europees recht
|
| Case Number |
['C-133/15']
|
| Volume | Issue number |
23 | 7
|
| Pages (from-to) |
173-180
|
| Organisations |
-
Faculty of Law (FdR) - Amsterdam Center for European Law and Governance (ACELG)
|
| Abstract |
Op 10 mei 2017 verduidelijkte het Hof van Justitie in de zaak Chavez-Vilchez welke belangen nationale autoriteiten dienen te wegen in de beoordeling of een niet-EU-ouder op grond van artikel 20 VWEU een afgeleid verblijfsrecht toekomt. In die belangenafweging spelen ook artikel 7 en 24 lid 2 van het EU Handvest van de grondrechten van de Europese Unie een rol. Het tot nu toe gevolgde Nederlandse beleid stemt zowel inhoudelijk als met betrekking tot de bewijslast niet overeen met de uitleg die het Hof in deze zaak geeft.
|
| Document type |
Case note
|
| Language |
Dutch
|
| Published at |
https://doi.org/10.5553/NtER/138241202017023007002
|
|
Permalink to this page
|
Back