Rb. Den Haag (nr. 08/05396, LJN BL4476: ongedaan maken investering leidt niet tot desinvesteringsbijtelling)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2010 |
| Journal | NTFR. Nederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht |
| Article number | 664 |
| Volume | Issue number | 2010 | 11 |
| Pages (from-to) | 40-41 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Belanghebbende vormt samen met haar dochtervennootschap, Y bv, een fiscale eenheid. Y bv heeft in 2002 een projectontwikkelaar de opdracht gegeven tot het leveren en installeren van onder meer vier warmtekrachtinstallaties (WKK’s). Y bv heeft de investering gemeld bij het Bureau investeringsregelingen en willekeurige afschrijving (Biwa). Uiteindelijk zijn er drie WKK’s van een ander type geleverd. De kostprijs daarvan was minder dan het door Y bv bij Biwa gemelde bedrag. Belanghebbende heeft SenterNovum geïnformeerd over de gewijzigde investeringen en heeft vervolgens een verklaring voor de drie WKK’s verkregen. Zij heeft met betrekking tot de WKK’s in haar aangiften 2003 en 2004 energie-investeringsaftrek in aftrek gebracht. In geschil is of er sprake is van een desinvestering die moet leiden tot een desinvesteringsbijtelling.
De rechtbank acht het enkele ongedaan maken van een investering onvoldoende om op grond daarvan een desinvesteringsbijtelling in aanmerking te nemen. Tevens is vereist dat ter zake van de (ongedaan gemaakte) investering investeringsaftrek in aanmerking is genomen. Aan dit vereiste voldoet naar het oordeel van de rechtbank slechts de investering in de drie WKK’s, waarvoor SenterNovem een verklaring heeft gegeven. Derhalve kan er met betrekking tot de eerste vier WKK’s geen desinvesteringsbijtelling plaatsvinden. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://www.ndfr.nl/link/NTFR2010_664 |
| Permalink to this page | |