Hof 's-Hertogenbosch (rolnummer HD 200.079.515, LJN BW0990: samenwoners, kosteloos meewerken in bedrijf, berekening ongerechtvaardigde verrijking)

Authors
Publication date 2013
Journal Jurisprudentie personen- en familierecht
Article number 29
Volume | Issue number 2013 | 2
Pages (from-to) 164-168
Organisations
  • Faculty of Law (FdR)
Abstract
Partijen hadden een affectieve relatie van 2002 tot begin 2007. Zij hebben enkele jaren samengewoond in de woning van de vrouw; daarna in een andere woning.

In het deel van het huis dat in gebruik was bij de vrouw (de kelder en de benedenverdieping) werd het verzekerings- en makelaarsbedrijf uitgeoefend dat van de man was. De vrouw werkte daarin kosteloos mee. Zij betaalde de huisvestingskosten van het bedrijf, zoals verzekeringskosten, telefoonkosten, internetkosten, portokosten, hypotheekrente, advertentiekosten, etc. De vrouw dacht dat het bedrijf van hen samen was. Maandelijks kreeg zij een bedrag uit het bedrijf ter hoogte van hetgeen zij dacht nodig te hebben. Zij kreeg geen vergoeding voor het gebruik van haar woning.

De vrouw eist vergoeding van de door haar gemaakte kosten en een vergoeding voor de door haar verrichte werkzaamheden, zowel van haar ex-partner in privé als ook van het bedrijf, op grond van ongerechtvaardigde verrijking. De rechtbank wijst beide vorderingen af.

Voor wat betreft de claim tegen haar ex-partner acht het hof geen verrijking van de partner aanwezig.

Wat betreft de vorderingen jegens het bedrijf overweegt het hof het volgende: de maandelijkse betalingen onder de noemer "provisie" worden gekwalificeerd als vergoeding voor de kosten die de vrouw ten behoeve van het bedrijf maakte, omdat partijen dat als zodanig hebben verklaard. Zij is daarnaast niet betaald voor het werk dat zij verrichtte, terwijl zij wel omzet heeft gegenereerd voor het bedrijf. Daarvoor dient alsnog een vergoeding te worden betaald. De hoogte daarvan wordt niet gerelateerd aan hetgeen een medewerker met vergelijkbare werkzaamheden zou hebben verdiend. De grondslag van de vordering is immers ongerechtvaardigde verrijking. Het hof maakt een schatting, waarbij ook wordt meegenomen het feit dat een deel van de klanten naar haar bedrijf is overgestapt toen de vrouw na beëindiging van de relatie haar eigen bedrijf is begonnen. Daarvoor is destijds geen vergoeding betaald.

NB: Verweerders zijn woonachtig dan wel gevestigd in België maar daaraan wordt in deze uitspraak geen aandacht (meer) besteed.
Document type Case note
Language Dutch
Published at http://opmaatnieuw.sdu.nl/link/JUR/JPF/2013/29
Permalink to this page
Back