Hoge Raad (Niet-uitgevoerd periodiek verrekenbeding, Verrekening betalingen voor voorhuwelijkse woning, Verrekening waarde kapitaalverzekering)

Authors
Publication date 2009
Journal Jurisprudentie personen- en familierecht
Article number 124
Volume | Issue number 2009 | 5
Pages (from-to) 636-638
Organisations
  • Faculty of Law (FdR)
Abstract
Partijen waren gehuwd buiten elke gemeenschap van goederen. Zij waren een periodiek verrekenbeding overeengekomen t.a.v. overgespaarde inkomsten, doch dit waren zij tijdens het huwelijk niet nagekomen. De man had ten tijde van de huwelijkssluiting een woning, waarin partijen zijn gaan wonen. Die woning was niet betaald met geleend geld.

Tijdens het huwelijk heeft de man een hypothecaire lening afgesloten teneinde een verbouwing van de woning te financieren. Die lening was gegoten in de vorm van een spaarhypotheek: er was een kapitaalverzekering afgesloten waarvoor de man premies betaalde. Aan het eind van de leentijd zou dan met het ingelegde vermogen alsmede met het rendement de leenschuld afbetaald kunnen worden.

De Hoge Raad oordeelde in navolging van zijn arrest van 25 april 2008, NJ 2008, 394 («JPF» 2008/84), dat de waardevermeerdering van de woning door de verbouwing voor verrekening in aanmerking komt overeenkomstig art. 1:136 BW.

Anders dan in HR 2 maart 2001, NJ 2001, 583 (Slot-Ceelen), oordeelt de Hoge Raad thans dat ook de waardestijging van de woning tijdens het huwelijk volgens de evenredigheidsleer voor verrekening in aanmerking komt volgens art. 1:136 lid 2 BW als de lening staande huwelijk met overgespaard inkomen is afgelost. In casu is dat gezien de feiten niet aan de orde.

Als er gebruik wordt gemaakt van een kapitaalverzekering, zoals bij een spaarhypotheek, dan wordt de premiebetaling gelijk gesteld met de aflossing van de lening. De berekening ten aanzien van de lening voor de verbouwing is dan als volgt: de waarde van de kapitaalverzekering op de peildatum te delen door het totaalbedrag dat gevormd wordt door de waarde van de woning voor de verbouwing en het bedrag van de hypothecaire lening waarmee de verbouwing is gefinancierd, en het resultaat ervan te vermenigvuldigen met de waarde van de woning op de peildatum.

Hoeveel dat in casu precies oplevert, moet na verwijzing naar een ander hof worden uitgemaakt.
Document type Case note
Note LJN BD6054;data resp. 13-02-2008 ( LJN BC4531, nr. 24), 17-10-2008 (LJN BE9080, nr. 23) en 26-09-2008 (LJN BF2295, nr. 22)
Published at http://opmaatnieuw.sdu.nl/link/JUR/JPF/2009/124
Permalink to this page
Back