Modernisering Ondernemingsrecht; waarheen, waarvoor?

Authors
Publication date 10-2017
Journal Ondernemingsrecht
Article number 118
Volume | Issue number 2017 | 14
Pages (from-to) 668-676
Organisations
  • Faculty of Law (FdR)
Abstract
In december 2016 zijn de Nota Voortgang modernisering ondernemingsrecht en de nieuwe Nederlandse Corporate Code 2016 gepubliceerd. Mede in het licht hiervan is in het voorjaar van 2017 een debat op gang gekomen over aanvullende bescherming van Nederlandse beursvennootschappen tegen vijandige biedingen. Van regeringswege zijn voorstellen gedaan om die aanvullende bescherming wettelijk vast te leggen. De voorkeursoptie van kabinet en Tweede Kamer is een wettelijke regeling van de bedenktijd geïnspireerd op de responstijd zoals die eerder in de Corporate Governance Code is opgenomen. In het licht van de vermelde ontwikkelingen is sprake van een fundamenteel debat over de ‘modernisering’ en de toekomst van het Nederlandse ondernemingsrecht. Toonaangevende visies in dat debat worden verwoord door Eumedion enerzijds en VEUO en VNO-NCW anderzijds. In deze bijdrage worden die visies nader geschetst. Specifiek gaat de aandacht uit naar de positie en macht van minderheidsaandeelhouders in geval van een vijandige overname. Waar Eumedion die positie van minderheidsaandeelhouders wil versterken, willen VEUO en VNO-NCW die juist beperken om de doelstellingen vervat in de Corporate Governance Code en de Nota Voortgang modernisering ondernemingsrecht daadwerkelijk tot hun recht te laten komen. Betoogd wordt dat als de doelstellingen met betrekking tot langetermijnwaardecreatie en duurzaamheid werkelijk serieus worden genomen, het ondernemingsrecht stevige waarborgen moet kennen die een bestuur en RvC de mogelijkheid geven om die doelstellingen ook te realiseren in het geval van vijandige overnames en het optreden van activistische aandeelhouders met een ander perspectief dan langetermijnwaardecreatie en duurzaamheid. Gebeurt dat niet dan zal gaan gelden dat zolang een onderneming beursgenoteerd is deze ten volle aan de vermelde brede doelstellingen moet voldoen, maar dat op het moment dat op zo’n onderneming een vijandig bod wordt gedaan voor een bedrag dat de aandeelhouders aantrekkelijk voorkomt, deze doelstellingen aanstonds hun relevantie verliezen. Dat, zo wordt betoogd, kan niet de bedoeling zijn.
Document type Article
Language Dutch
Published at http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00CEB500&cpid=WKNL-LTR-Nav2
Permalink to this page
Back