Het HvJ EU arrest Deka Niet alles is hoe het lijkt
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 23-04-2020 |
| Journal | Weekblad voor Fiscaal Recht |
| Article number | 72 |
| Volume | Issue number | 149 | 7331 |
| Pages (from-to) | 464-471 |
| Number of pages | 8 |
| Organisations |
|
| Abstract |
In ‘Het HvJ EU arrest Deka. Niet alles is hoe het lijkt’ gaat de auteur in op deze Nederlandse zaak over de teruggaaf van Nederlandse dividendbelasting. In dit baanbrekende arrest lijkt het Hof van Justitie EU de bakens over discriminatie verder te verzetten. Na de nationale bepalingen die een directe discriminatie opleverden en die bepalingen die een indirecte discriminatie tot gevolg hadden, zijn wij thans aanbeland bij de verboden zonderonderscheidmaatregel. Deka gaat over de verhouding van het FBI-regime, in het bijzonder de aandeelhouderseisen en de uitdelingsverplichting, tot het Europese belastingrecht. Op het eerste gezicht lijken genoemde voorwaarden neutraal. Zij leveren geen directe of indirecte discriminatie op. Niettemin volgt uit het arrest dat er Europeesrechtelijke bedenkingen kunnen zijn, omdat het Hof het terrein van de verboden zonderonderscheidmaatregel betreedt. Het komt er in feite op neer dat naar het effect van de regeling moet worden gekeken. Het is nu aan de Hoge Raad om te bezien of de Nederlandse regeling voor teruggaaf van dividendbelasting de facto belemmerend werkt. Zijn het juist de niet-ingezeten marktdeelnemers die niet voor een teruggaaf van dividendbelasting in aanmerking komen? Dan zit de regeling ondanks de neutrale bewoordingen toch in de gevarenzone, omdat in dat geval de buitenlandse voorwaarden moeten worden erkend. In zekere zin is er dan sprake van een vorm van wederzijdse erkenning. Dat is baanbrekend.
|
| Document type | Article |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00D36348&cpid=WKNL-LTR-Nav2 |
| Permalink to this page | |