HR (11/01418, LJN BW4753: gedeeltelijke afkoop pensioen door inwoner België leidt in Nederland tot belastingheffing over volledige pensioenaanspraak)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2013 |
| Journal | BNB : Beslissingen in Belastingzaken |
| Article number | 73 |
| Volume | Issue number | 2013 | 7 |
| Pages (from-to) | 1330-1354 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Belanghebbende, die in België woont, was in 2004 enig aandeelhouder in een BV waarin hij pensioen in eigen beheer heeft opgebouwd. Eind 2004 heeft belanghebbende vrijwel het gehele banksaldo van de BV (€ 311.000) contant opgenomen, waardoor de BV niet langer in staat is aan haar pensioenverplichtingen te voldoen. De Inspecteur heeft deze contante opname aangemerkt als een gedeeltelijke afkoop van het pensioen en op die grond de volledige pensioenaanspraak van € 715.024 als loon uit vroegere dienstbetrekking van het jaar 2004 aangemerkt. De Rechtbank en het Hof hebben de Inspecteur in het gelijk gesteld en daarbij onder meer de stelling van belanghebbende verworpen dat Nederland op grond van het Belastingverdrag Nederland-België 2001 geen heffingsbevoegdheid toekomt ter zake van de (fictieve) afkoop van de pensioenaanspraak.
In cassatie komt belanghebbende met motiveringsklachten op tegen het oordeel van het Hof. De A-G is in zijn conclusie ambtshalve ingegaan op de vraag of Nederland op grond van art. 18par. 3 van het Belastingverdrag Nederland-België 2001 heffingsbevoegd is over de onderhavige (fictieve) afkoop. De A-G heeft deze vraag bevestigend beantwoord, onder verwijzing naar de gezamenlijke toelichting bij deze verdragsbepaling. De Hoge Raad verklaart het beroep in cassatie van belanghebbende ongegrond met toepassing van art. 81 Wet RO. |
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Published at | http://deeplinking.kluwer.nl/?param=00C201CD&cpid=WKNL-LTR-Navigator |
| Permalink to this page | |