Hof Amsterdam (nr. 200.061.618: AR 2012/20455, LJN BT8650: verhaal op uitkering uit levensverzekering door schuldeisers van een nalatenschap; positie begunstigde (tevens erfgenaam en executeur) jegens schuldeisers)
| Authors | |
|---|---|
| Publication date | 2012 |
| Journal | Pensioen Jurisprudentie |
| Article number | 131 |
| Volume | Issue number | 2012 | 7 |
| Pages (from-to) | 860-69 |
| Organisations |
|
| Abstract |
Vervolg van PJ 2010/194. Kinderen hebben een vordering op de nalatenschap van hun overleden vader. De partner van hun vader is enig erfgenaam. Deze partner was ook executeur en begunstigde op een polis van levensverzekering die door de vader op eigen leven gesloten is. Hof oordeelt dat begunstiging van de partner niet geldt als voldoening aan een natuurlijke verbintenis maar geldt als een gift en zich kwalificeert als quasilegaat in de zin van art. 4:126 BW. Kinderen hebben geen verhaal op de uitkering in verband met de vervaltermijn van art. 4:127 BW. Tot de taak van de executeur behoort niet het verminderen van een uitkering uit levensverzekering ten behoeve van schuldeisers.
|
| Document type | Case note |
| Language | Dutch |
| Downloads |
PJ_2012-131.pdf
(Final published version)
|
| Permalink to this page | |